Een pacemaker is een klein apparaat dat helpt om het hartritme te reguleren bij mensen met ritmestoornissen. Dit apparaat bevat een batterij en draden die het hart stimuleren om op een normaal tempo te kloppen.
Jarenlang was het niet mogelijk om een MRI-scan te ondergaan voor mensen met een pacemaker. Dit kwam doordat een MRI een sterke magneet gebruikt, waarvoor de pacemaker en de geleidingsdraden gevoelig zijn. De mogelijke risico’s die door fabrikanten werden beschreven zijn onder andere:
Ondertussen werden er pacemakers en geleidingsdraden ontwikkeld die geschikt en veilig zijn voor gebruik tijdens een MRI-onderzoek. Deze worden aangeduid als 'MRI-compatibele pacemakers' en mogen, onder bepaalde voorwaarden, gebruikt worden in specifieke MRI-scanners.
Om een MRI te ondergaan, is het noodzakelijk om de pacemaker tijdelijk opnieuw te programmeren. Door deze herprogrammering wordt de kans op de bovengenoemde risico’s uiterst klein. Dit maakt het mogelijk om de voordelen van een MRI-onderzoek af te wegen tegen de relatief kleine risico’s die de magneet kan uitoefenen op de pacemaker.
Niet iedereen met een pacemaker kan een MRI-onderzoek ondergaan. De volgende patiënten kunnen niet in de MRI:
Als je een ‘MRI-compatibele pacemaker’ heeft, wordt het MRI-onderzoek in overleg met de dienst cardiologie en radiologie ingepland. De cardioloog maakt een afspraak met jou om je te zien voor, en eventueel na, het MRI-onderzoek. De volgende stappen worden genomen:
Voor het MRI-onderzoek: De pacemaker wordt in 'MRI-modus' gezet. Dit is een korte en eenvoudige handeling van 5 à 10 minuten. De pacemaker wordt gecontroleerd met een programmeerspoel. Deze spoel wordt op de borst geplaatst thv de pacemaker. De spoel leest je pacemaker uit en de cardioloog schakelt de MRI-modus aan. Dit is volledig gevoelloos en dus niet pijnlijk.
Na het MRI-onderzoek: Indien nodig, ga je terug naar de cardioloog om de pacemaker terug in de normale modus te zetten.
Tijdens het MRI-onderzoek wordt u in de tunnel van het MRI-apparaat geschoven. Het is mogelijk dat de pacemaker tijdens het onderzoek in beperkte mate kan vibreren of bewegen. Dit is niet abnormaal. Indien je echter pijn ervaart of merkt dat de pacemaker opwarmt, dient u op de alarmknop te drukken. Het onderzoek zal dan beëindigd worden.
Na het onderzoek word je eventueel terug verwacht bij de dienst cardiologie. Daar wordt uw pacemaker terug in de juiste stand gezet of wordt deze opnieuw gemeten.
Indien je pacemaker zichzelf reset, hoef je niet terug naar de cardioloog na het MRI-onderzoek. Dit zal door de cardioloog met jou gecommuniceerd worden.
Heb je nog vragen of wens je meer informatie? Dan kan je altijd terecht bij de dienst MRI.